“De bekwaamheid om leiding te geven en te besturen ligt toch nog steeds bij CD&V”

Interview Luc Van Der Kelen

Dinsdag 27 december 2016 — Luc Van der Kelen ging in 1970 aan de slag bij Het Laatste Nieuws. Tussen 1995 en 2013 was hij er politiek hoofdredacteur. Vandaag schrijft hij nog als columnist in dezelfde krant, maar bijvoorbeeld ook in Tertio. 

Goed, ik zit hier voor u als JONGCD&V-voorzitter…

Luc Van der Kelen: “(onderbreekt) Mag ik daar al iets over zeggen? Dit gesprek was twintig jaar geleden ondenkbaar geweest. Eric Van Rompuy kwam al eens voor in onze krant, omdat hij de boel op stelten zette en zijn partij in gevaar bracht, en dan werd dat met veel plezier gebracht. Maar de voorzitter van de CD&V-jongeren die de chef politiek van HLN kwam interviewen, dat was van de beide kanten compleet ondenkbaar. Het water was veel te diep.”

“Vroeger verliepen de contacten tussen de media en de politieke partijen heel anders en waren de media verzuild. Ik had een jaar of vijf nodig om Jean-Luc Dehaene te overtuigen van een tête-à-tête met mij. Hij had dat regelmatig met de katholieke pers. Als hij iets wilde zeggen, belde hij de politieke redactie van De Standaard of Het Volk en declameerde hij wat hij kwijt wilde. Verhofstadt deed hetzelfde bij Het Laatste Nieuws. Na die vijf jaar had ook Dehaene begrepen dat die verzuiling weg was.”

U verwees al naar Eric Van Rompuy…

“Ik ken Eric al van in de jaren 70. Ik heb nog debatten met hem gemodereerd als jongerenvoorzitter. Dat was een geweldige periode, Eric handelde altijd op het scherp van de snee. Hij is nog altijd zo. De regering die hij heeft doen vallen, heeft hem vier jaar van zijn carrière gekost: hij moest wachten tot de volgende verkiezing om een verkiesbare plaats te krijgen.”

“De grote hervormingen zijn in het dak blijven hangen”

Vindt u dat de politieke jongerenbewegingen aan invloed hebben verloren?

“Ze hebben minder impact dan vroeger, omdat een aantal partijen niet meer zijn wat ze waren. Dat geldt voor CD&V, maar ook voor liberalen en socialisten. Open VLD is nu de helft van wat ze hadden vroeger. Ik heb de tijd nog meegemaakt dat christendemocraten en socialisten samen 80% van de stemmen hadden. Dan kon je je heel wat meer permitteren. De zondige periode van de jaren 90 met veel schandalen heeft geen goed gedaan aan het imago van de politiek. Bij momenten was er een terugkeer naar meer ernst en degelijkheid, maar algemeen gesteld…”

Hoe ziet u de toekomst van de politiek? In peilingen lezen we dat de reputatie van de politicus onderaan de rankings hangt.

“Net onder die van de journalist. (lacht) Klopt, er is vandaag weinig vertrouwen in de politiek. Maar neem nu het debat rond de meerwaardebelasting. Kris Peeters brengt dat voor de derde keer. Telkens worden mensen daar warm voor gemaakt, zonder resultaat.”

“Ik stel vast dat de grote hervormingen, waar deze regering voor zou moeten staan, sinds de zomer van 2015 in het dak zijn blijven hangen. Onder meer door de tegenstelling tussen CD&V en N-VA. Iedereen had verwacht ‘bon, die partijen staan redelijk dicht bij elkaar, dat zal wel loslopen’ maar niemand had eraan gedacht dat het om die reden ook elkaars grootste concurrenten zijn. Ik had vooral niet verwacht dat het zo snel al ging gebeuren. Als je problemen blijft scherpstellen zonder tot een oplossing te komen, is de politiek dood. Dan krijg je situaties als in Italië, waar een komiek de politiek overneemt. En dat kan hier ook.”

Sommigen aan de linkerzijde stellen dat CD&V beter de stekker uit de regering had getrokken.

“Stekkers uittrekken is nooit een oplossing. De liberalen hebben dat gedaan met de regering-Leterme. Het is niet de juiste manier, en iedereen weet dat. Maar men moet elkaar iets gunnen. Vandaag neemt de CD&V in de regering de rol op die Open VLD speelde tijdens de regering Di Rupo: “wij hebben al heel veel tegengehouden”. Met de verkiezingen kwam er iemand met “Show me the money” en hun hele verdediging was weg, want er was toch nog een belasting of twee goedgekeurd. Je moet altijd uitgaan van je eigen verhaal.”

Hoe zou u de werkzaamheden van deze regering terug vlottrekken?

“Als eerste minister riep ik mijn topministers en partijvoorzitters bij elkaar en maakten we klare afspraken over de zaken die we absoluut nog willen binnenhalen en die we elkaar zouden gunnen. Bij Dehaene en Tobback was dat niet nodig, die verstonden elkaar zo.”

“We zitten met enkele amateurs in de regering”

Wat verwacht u van 2019?

“Als de grote hervormingen uitblijven en we in Wallonië een sterkere linkerzijde krijgen, terwijl de rechterzijde in Vlaanderen blijft overheersen, wordt de volgende regeringsvorming moeilijk.  Een heruitgave van Michel-I zit er volgens mij niet in. Als MR samen met de PS Wallonië kan besturen, zie ik hen dat doen, en zit de N-VA in een zeer moeilijke positie.”

U lijkt eerder een klassieke tripartite te verwachten, eventueel aangevuld met de ecologisten. Ziet u Open VLD meestappen in een centrumregering?

“Ik denk dat de liberalen dan nog liever in de oppositie zullen gaan. Federaal zitten ze al van in 2000 in de meerderheid en als men het tij in de peilingen niet kan keren… dat is momenteel het voordeel van de socialisten. Die kunnen zonder veel verhaal toch beginnen stijgen in de peilingen, gewoon door op alles kritiek te hebben.”

Iets anders:  we hebben als JONGCD&V op het Nieuwe WIJ-congres een correctie op de communautaire lijn afgedwongen.

“Zeer opvallend. Ik heb immers bij CD&V in vijtig jaar alleen de beweging van België naar Vlaanderen gezien. Nochtans is een herfederalisering op bepaalde terreinen de logica der dingen. Ik heb ook het gevoel dat onze staatsmodel wat ‘onaf’ is. “De muren staan er, maar er moet een dak op”, zeg ik weleens. Er bestaat geen hiërarchie tussen de beleidsniveaus en er is evenmin een scheidsrechter wanneer men er niet uitgeraakt.”

Wij stemden op het CD&V-congres ook voor een wettelijk verankerde schuldenrem.

“Ik geloof dat er nog wel wat efficiëntiewinsten te boeken zijn. Stop maar met al die subsidies aan bedrijven. Schaf het provinciaal niveau af. Doe iets aan het waterhoofd in Brussel, met teveel verschillende instellingen en ministers met beperkte bevoegdheden. En ga eens goed kijken bij staatsbedrijven als de NMBS en De Lijn: ook daar zijn er enkele die efficiënter en goedkoper kunnen werken.”

Hoe komt dat we de voorbije jaren onze overheidskas niet op orde krijgen?

“We zitten met enkele amateurs in de regering. Letterlijk dan: mensen die nog nooit zo’n grote beleidsmatige verantwoordelijkheid hebben gehad. Iemand als Johan Van Overtveldt is nu twee jaar minister. Als je twee jaar getrouwd bent, dan begin je te weten wat het huwelijk betekent… (lacht). Ik betwijfel of Van Overveldt ‘the right man for the job’ is.”

In uw memoires beschrijft u Jean-Luc Dehaene als ‘zijn tijd ver vooruit’, Yves Leterme als ‘een dwangarbeider van de politiek’ en Herman Van Rompuy als ‘de slimste, de grappigste en de gevaarlijkste’. In welke categorie hoort Wouter Beke als partijvoorzitter?

“In de categorie van Van Rompuy. Alles wat hij doet is strategisch overdacht. Hij is ook grappig: hij neigt nog niet het cynisme van Herman, maar evolueert er wel naartoe (lacht). Beke zou een groot CVP-voorzitter geweest zijn en als u mij vraagt wie in de volgende regering premier zal worden, is hij zeker bij de voornaamste kanshebbers. De bekwaamheid om leiding te geven en te besturen ligt toch nog steeds bij CD&V. Ook Verhofstadt had die gravitas, maar ik zie dat bij Beke evenzeer.”

Foto's: (c) Noortje Palmers

Contacteer ons